**1..** Het is aan de houder, dan wel aan degene die met de dagelijkse
leiding is belast, verboden:
enig persoon tot de peuterspeelzaal of tot enige daarmee in
verbinding staande lokaliteit toe te laten of daarin te
laten vertoeven, wanneer, volgens of vanwege de directeur
van de GGD, daarmee het gevaar van overbrenging van een
infectieziekte, zoals genoemd in de Wet bestrijding
infectieziekten en opsporing ziekteoorzaken, aanwezig
is;
enig persoon tot de peuterspeelzaal of tot enige daarmee in
verbinding staande lokaliteit toe te laten of daarin zelf te
vertoeven, wanneer hij redelijkerwijs kan vermoeden dat
daarmee het gevaar van overbrenging van een infectieziekte,
zoals genoemd in de onder a vermelde wet, aanwezig is.
**2..** Van het in het eerste lid onder a omschreven verbod is de houder
ontheven, zodra de behandelend geneesheer een schriftelijke
verklaring heeft afgegeven dat de kans op overbrenging van een
infectieziekte is uitgesloten.
**3..** De bepalingen in het eerste en tweede lid laten onverlet de
bepalingen krachtens de in het eerste lid, onder a, genoemde
wet.
Artikel 18
Voorkoming verspreiding infectieziekten
Onderdeel van Verordening Kwaliteitsregels Peuterspeelzaalwerk Leiden 2006