De budgethouder c.q. budgetbeheerder is bevoegd tot onderhandelen, (besluitvorming inzake) het aangaan van verplichtingen, het genereren en accepteren van opbrengsten ten behoeve van leveringen, diensten en werken ten aanzien van aan hem/haar toegewezen producten binnen een vastgestelde begrotingspost, mits volgens het gemeentelijk aanbestedingsbeleid enkelvoudig onderhands mag worden gegund en voor zover gemandateerd in het mandaatbesluit.
Verplichtingen mogen slechts worden aangegaan nadat de budgethouder c.q. budgetbeheerder heeft geconstateerd dat ter zake een toereikend budget beschikbaar is en het aangaan van die verplichtingen direct verband houdt met de taakstelling.
Onverminderd het bepaalde in artikel 13.2 mogen verplichtingen alleen worden aangegaan met inachtneming van geldende gemeentelijke voorschriften en beleid (zoals verordening art. 212 gemeentewet, nota inkoop- en aanbestedings-beleid).
Voor verplichtingen, groter dan € 5.000,-- is tevens de schriftelijke goedkeuring van de budgethouder noodzakelijk. Voor verplichtingen, kleiner dan € 5.000,--, kunnen in de in artikel 4.4 bedoelde schriftelijke werkafspraken aanvullende c.q. beperkende voorwaarden worden gesteld.
Bestedingen ten laste van een budget kunnen alleen plaatsvinden met toestemming van de aangewezen budgethouder c.q. budgetbeheerder.
Verplichtingen.