Deze verordening verstaat onder:
reclameobject: een openbare aankondiging in letters, symbolen, logo of kleuren, of een combinatie daarvan, zichtbaar vanaf de openbare weg;
bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, welke op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij directe of indirecte steun vindt in of op de grond;
vestiging: een gebouw, of deel daarvan, dat door één organisatie of bedrijf wordt gebruikt;
tussenpersoon: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die zijn bedrijf maakt van het verlenen van bemiddeling bij het tot stand brengen en sluiten van overeenkomsten in opdracht en op naam van personen tot wie hij niet in vaste betrekking staat;
exploitant: een natuurlijke persoon of rechtspersoon die zijn bedrijf maakt van het ten behoeve van derden tegen vergoeding aanbrengen van reclameobjecten op door hem daartoe beschikbaar gestelde oppervlakten;
reclamevoorwerp: een aankondigingvoorwerp, waarmee beoogd wordt reclame te maken dan wel aandacht te trekken voor een product, een dienst of een bedrijf. Hieronder wordt in elk geval verstaan de gaper en de namaakversies van de ijsco, de patatzak en het gebak;
jaar of maand: een kalenderjaar of –maand of een gedeelte van een van die kalenderperioden;
etalage: ruimte achter een ruit van een vestiging of bouwwerk waar goederen zijn uitgestald ter verkoop
startende ondernemer: de natuurlijke persoon of rechtspersoon die op het moment van inwerkingtreding van de verordening, danwel op het moment van vestiging in een van de aangewezen tariefgebieden, korter dan een jaar geleden is gestart met zijn ondernemersactiviteiten en hiervoor ingeschreven staat bij de Kamer van Koophandel. Onder ondernemersactiviteiten wordt in elk geval het organiseerde geheel van bedrijfsmiddelen, aanspraken en verplichtingen en de financiering daarvan verstaan.
Hoofdstuk
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van de reclamebelasting 2011