Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Taken en bevoegdheden

Onderdeel van Verordening Adviesraad Werk en Inkomen

1. De adviesraad heeft tot taak gevraagd en ongevraagd aan het college, of in voorkomende gevallen, aan de raad te adviseren over: Het gemeentelijk beleid op het terrein van de Wet werk en bijstand (WWB) inclusief de re-integratie van de gemeentelijke doelgroep en de Wet investeren in jongeren Het overig gemeentelijk beleid op het terrein van sociale voorzieningen De gemeentelijk armoedebestrijding. 2. Door het college gevraagde adviezen worden op een zodanig tijdstip aan de adviesraad voorgelegd, dat zij nog van wezenlijke invloed kunnen zijn op de besluitvorming. 3. De adviesraad adviseert bij voorkeur schriftelijk binnen zes weken na ontvangst van het verzoek daartoe. Deze termijn kan op schriftelijk verzoek van de adviesraad éénmaal met 4 weken worden verdaagd. 4. Een advies wordt met meerderheid van stemmen uitgebracht. Het minderheidsstandpunt wordt in het advies vermeld. 5. Binnen 4 weken ontvangt de Adviesraad een reactie op het gevraagde advies. Deze termijn kan eenmaal met 4 weken worden verdaagd. Indien het college afwijkt van het uitgebrachte advies wordt de adviesraad gemotiveerd daarover in kennis gesteld. Dit geschiedt bij voorkeur schriftelijk. 6. De adviesraad is niet bevoegd te adviseren naar aanleiding van klachten, bezwaarschriften en andere zaken, die op de individuele cliënt betrekking hebben. Evenmin behoren tot de bemoeienis voorschriften over de uitvoering van wettelijke taken voor zover bij deze uitvoering geen ruimte is gelaten voor gemeentelijk beleid. 7. Het college is verplicht de adviesraad tijdig van informatie en van alle relevante stukken te voorzien om haar taken goed te kunnen uitvoeren.

Rechtspraak bij dit artikel