Grondslagen voor de berekening van de rechten zijn:
**1..** HAVENGELD:
**a..** het laadvermogen van het vaartuig, uitgedrukt in tonnen;
**b..** de oppervlakte van het vaartuig, uitgedrukt in vierkante meters, zoals deze blijken uit de meetbrief, danwel ambtshalve worden vastgesteld;
**c..** de lengte van het vaartuig;
**d..** de waterverplaatsing van het vaartuig, uitgedrukt in kubieke meters.
**2..** KADEGELD:
**a..** het aantal tonnen bruto gewicht aan geloste of geladen goederen.
**3..** LIGGELD:
**a..** het aantal vierkante meters in gebruik genomen kadegedeelte.
**4..** ZATEGELD:
**a..** de oppervlakte van het vaartuig, uitgedrukt in vierkante meters, zoals deze blijken uit de meetbrief of ambtshalve worden vastgesteld;
**b..** de aanwezigheid van een door de gemeente getroffen electriciteitsvoorziening bij de zate.
**5..** OVERSCHEEPGELD:
**a..** het gewicht van de goederen, uitgedrukt in kilogrammen;
**b..** de inhoud van de goederen, uitgedrukt in liters,
zoals deze ambtshalve worden vastgesteld.
**6..** VERWIJDERINGSRECHT AFVAL:
**a..** de hoeveelheid aangeboden afval, uitgedrukt in kubieke meters, zoals deze ambtshalve wordt vastgesteld.
**7..** RESERVERINGSRECHT:
**a..** een gedane schriftelijke of mondelinge reservering voor een tijdelijke ligplaats minimaal drie maanden voor het daadwerkelijke bezoek.
**b..** In de tabel is per soort vaartuig of groep van vaartuigen aangegeven welke maatstaf van heffing van toepassing is.
Hoofdstuk
Artikel 5
Maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van scheepvaartrechten Schouwen-Duiveland 2011