Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 7

Voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget

Onderdeel van Verordening inburgering gemeente Dinkelland 2011

1.. Indien een inburgeringsplichtige een schriftelijk verzoek indient om in aanmerking te komen voor een voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget als bedoeld in artikel 19, tweede lid van de wet, begeleidt het college de inburgeringsplichtige bij de vormgeving van de persoonlijke inburgering en de keuze van een inburgeringsbedrijf. 2.. Het college keurt het verzoek van de inburgeringsplichtige voor het volgen van een (gecombineerde) voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget goed, indien de voorziening: naar het oordeel van het college passend is om de inburgeringsplichtige voor te bereiden op en toe te leiden naar het inburgeringsexamen of het staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II; en wordt verzorgd door een inburgeringsbedrijf, dat voldoet aan de volgende vereisten: het ingeschreven zijn bij de Kamer van Koophandel; het beschikken over een keurmerk van de brancheorganisatie of een vergelijkbaar keurmerk; het beschikken over aantoonbare ervaring en deskundigheid op het gebied van het verzorgen van inburgeringsprogramma’s en/of taalkennisvoorzieningen. 3.. Het college keurt het verzoek van de inburgeringsplichtige voor het volgen van een taalkennisvoorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget goed, indien de taalkennisvoorziening: naar het oordeel van het college passend is om de inburgeringsplichtige de kennis van de Nederlandse taal te laten verwerven die noodzakelijk is voor het kunnen afronden van een mbo-opleiding op niveau 1 of 2; en wordt verzorgd door een inburgeringsbedrijf, dat voldoet aan de volgende vereisten: het ingeschreven zijn bij de Kamer van Koophandel; het beschikken over een keurmerk van de brancheorganisatie of een vergelijkbaar keurmerk; het beschikken over aantoonbare ervaring en deskundigheid op het gebied van het verzorgen van inburgeringsprogramma’s en/of taalkennisvoorzieningen. 4.. Na goedkeuring door de inburgeringsplichtige en vaststelling door het college van de voorziening in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget, sluit het college ten behoeve van de inburgeringsplichtige een overeenkomst met het inburgeringsbedrijf, voor zover het inburgeringsbedrijf voldoet aan de in het tweede en derde lid vermelde vereisten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel