Lid 1. Het college verstrekt voorzieningen voor het – in aanvaardbare mate - wegnemen van aantoonbare beperkingen die een persoon ondervindt bij het voeren van een huishouden. Lid 2. De te verstrekken voorziening kan bestaan uit: a. een algemene voorziening waaronder algemene hulp bij het huishouden; b. hulp bij het huishouden in natura (persoonlijke dienstverlening); c. een persoonsgebonden budget.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
Vormen van hulp bij het huishouden
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning 2011