Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.14

Voorliggende voorzieningen

Onderdeel van Beleidsregels individuele voorzieningen gemeente Losser 2011

Behalve gebruikelijke zorg zijn ook voorliggende voorzieningen reden om ondersteuning vanuit de Wmo te beperken of af te wijzen. De methodiek van de indicatiestelling zoals ontwikkeld in het Breed Indicatie Overleg (BIO protocol 1997) kende de volgende afwegingen: Wanneer er algemene voorzieningen zijn waarvan de hulpvrager gebruik kan maken, dan verdienen die de voorkeur. Meer voorbeelden: openbaar vervoer gaat voor bijzonder vraagafhankelijk vervoer (bijvoorbeeld ziekenvervoer), en dit gaat weer voor op collectief aanvullend vervoer, dat weer voor gaat op vervoer gericht op een specifieke doelgroep. Dezelfde redenering gaat op voor arbeid, dagbesteding, onderwijs, welzijnsvoorzieningen, enz. Voorliggende voorzieningen zijn er in twee soorten: wettelijke en algemeen gebruikelijke. 2.14.1 Wettelijk voorliggende voorzieningen. Wettelijk voorliggende voorzieningen zijn deels neergelegd in de Wmo en deels in andere regelgeving dan de Wmo. Wanneer er wettelijke voorliggende voorzieningen zijn, dient de hulpvrager daar gebruik van te maken. Wanneer een dergelijke voorziening een adequate oplossing voor het probleem van de zorgvrager zou bieden, bestaat er geen aanspraak op ondersteuning vanuit de Wmo. Het is daarbij niet van belang of de voorliggende voorziening daadwerkelijk aanwezig is of niet. Er moet bij de indicatiestelling vanuit worden gegaan dat de voorliggende voorziening beschikbaar is. Het feit dat de instantie die verantwoordelijk is voor de realisatie van de voorziening in gebreke is gebleven, is geen reden dit af te wentelen op de Wmo. De afweging of voorliggende voorzieningen een adequate oplossing bieden voor het probleem van de zorgvrager is een vraag die de Wmo-consulent zich stelt nadat de afweging: “Is hier sprake van gebruikelijke zorg?” heeft plaatsgevonden. 2.14.2 Algemeen gebruikelijke voorziening. Een algemeen gebruikelijke voorziening is een voorliggende voorziening waarvan gebruik moet worden gemaakt als deze voorhanden is en in redelijkheid een oplossing biedt voor de zorgvraag. Hierbij moet, onder andere, worden gedacht aan: • Boodschappendienst en/of het gebruik van een scootmobiel voor het halen van de boodschappen. • Crèche, kinderopvang, gastouder; • Alarmering; • Maaltijdservice; • Financieel administratieve ondersteuning; • Honden uitlaatdienst; • Tuinonderhoud en klussendienst etc. etc.

Rechtspraak bij dit artikel