Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Zonder redelijk doel

Onderdeel van Beleidsregels samenscholing en ongeregeldheden

Met het opstellen van deze beleidsregels is niet beoogd om alle groepen die ook maar enige of tijdelijke hinder in Enkhuizen veroorzaken strafrechtelijk aan te pakken. Hiertoe is het onderdeel ‘zonder redelijk doel’ in de beleidsregels opgenomen. Voor de beoordeling of er sprake is van zich ophouden of bewegen zonder redelijk doel is het gewenst criteria vast te stellen. In ieder geval is er sprake van zich ophouden of bewegen ‘zonder redelijk doel’ als er sprake is van een combinatie van de hieronder vermelde criteria: er meldingen door de omgeving worden gedaan dat een groep al een tijd op een locatie aanwezig is, de bron is van (lawaai)hinder, en geen ander klaarblijkelijk oogmerk heeft dan ter plaatse samen te komen en ter plaatse te blijven; er meldingen door de omgeving worden gedaan waaruit blijkt dat een groep zich al een tijd op een openbare plaats beweegt, de bron is van (lawaai)hinder, en geen klaarblijkelijk of vooroverwogen oogmerk heeft om zich naar een bepaalde bestemming te bewegen; eigen waarneming door de politie van het gestelde onder 1 en/of 2; er sprake is van één of meer locaties waar in de periode ervoor reeds herhalend (lawaai)hinder en/of andere overlast door aanwezige groepen heeft plaatsgevonden; er sprake is van een gebied waarin door groepen herhalend overlast heeft plaatsgevonden en waar verstoring van de openbare orde, met name gedurende de nachtelijke uren, chronisch is geworden; verkregen informatie leidt tot de verdenking dat een groep zich zonder redelijk doel op een openbare plaats van 22.00 uur tot 06.00 uur ophoudt of beweegt. Deze informatie kan onder andere verkregen worden door het aanspreken van personen uit de groep door de politie of andere toezichthouders en hen te vragen wat zij ter plaatse aan het doen zijn. ​

Rechtspraak bij dit artikel