Een commissie of de voorzitter van een commissie kan in een besloten vergadering omtrent het in die vergadering behandelde en omtrent de inhoud van de stukken welke aan de commissie zijn overlegd, geheimhouding opleggen.
De bepalingen van artikel 86 van de Gemeentewet zijn van toepassing op de oplegging en de opheffing van de geheimhouding.
De opgelegde geheimhouding geldt ook voor niet in de raadscommissie zitting hebbende raadsleden, die van de inhoud van de vertrouwelijke stukken kennis hebben genomen.