Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Aanwijzing van wegen en weggedeelten waar voertuigen kunnen worden verwijderd, overgebracht en in bewaring gesteld in het belang van het vrijhouden van wegen en weggedeelten

Onderdeel van Wegsleepverordening gemeente Hillegom 2003

Als wegen en weggedeelten, bedoeld in artikel 170, eerste lid, onder c van de wet worden de hierna genoemde wegen en weggedeelten aangewezen voorzover die behoren tot een van de in artikel 2 van het besluit bedoelde soorten van wegen en weggedeelten: a. op een weg of weggedeelte waar door middel van bord E1 van de bijlage 1 van het RVV 1990 of door middel van een gele onderbroken streep als bedoeld in artikel 24, lid 1 onder e RVV 1990 wordt aangegeven dat er ter plaatse een parkeerverbod geldt; b. op een weg of weggedeelte waar door middel van bord E2 van die bijlage of door middel van een gele doorgetrokken streep als bedoeld in artikel 23, lid 1 onder g RVV 1990 wordt aangegeven dat ter plaatse een verbod tot stilstaan geldt; c. op een parkeerplaats nader aangeduid door bord E4 van die bijlage (al dan niet met onderbord) voorzover: - het voertuig niet behoort tot de toegelaten categorie of groep voertuigen; - het voertuig op een andere dan de aangegeven wijze is geparkeerd; - het voertuig op andere dagen of uren dan aangegeven is geparkeerd; d. op een taxistandplaats, nader aangeduid door bord E5 van die bijlage tenzij het parkeren gebeurt met een taxi; e. op een gehandicaptenparkeerplaats, nader aangeduid met bord E6 van die bijlage: - tenzij het parkeren gebeurt met een gehandicaptenvoertuig: - tenzij gebruik wordt gemaakt van een geldige en duidelijk zichtbaar aangebrachte gehandicaptenparkeerkaart; - die gereserveerd is voor een bepaald voertuig, tenzij het parkeren gebeurt met dat voertuig; f. op een laad- of losplaats, nader aangeduid door bord E7 van die bijlage (met uitzondering van de aangegeven dagen of uren), tenzij de bestuurder van het voertuig bezig is met het onmiddellijk laden en lossen van goederen; g. op een parkeerplaats, nader aangeduid door bord E8 van die bijlage, voorzover het voertuig niet behoort tot de toegelaten categorie of groep voertuigen; h. op een parkeerplaats, nader aangeduid door bord E9 van die bijlage en bestemd voor vergunninghouders, tenzij het parkeren gebeurt met het voertuig waarvoor een parkeervergunning is afgegeven; i. op een voetpad, nader aangeduid door bord G7 of E10 (G7) van die bijlage; j. op een fietspad, nader aangeduid door bord G11, G12a of G13 van die bijlage; k. op een fietsstrook, nader aangeduid door een doorgetrokken of onderbroken streep gemarkeerd gedeelte van de rijbaan waarop afbeeldingen van een fiets zijn aangebracht; l. op een erf, nader aangeduid door bord G5 van die bijlage, voorzover het voertuig niet is geparkeerd op een parkeerplaats die als zodanig is aangeduid of aangegeven; m. op een weg of weggedeelte waar een markt wordt gehouden; n. op een weg of weggedeelte waar een evenement wordt gehouden; o. op een beweegbare brug voorzover het voertuig de vrije doorgang van het scheepvaartverkeer belemmert; p. voor een inrit of een uitrit; q. op een weg of weggedeelte alwaar wordt geparkeerd op een zodanige wijze dat de vrijheid van verkeer wordt belemmerd of gehinderd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel