In geval van uitoefening van bevoegdheden, als bedoeld in artikel 2, worden uitgaande bescheiden als volgt ondertekend: Namens (bestuursorgaan), gevolgd door de handtekening, de naam van de mandataris en de functieaanduiding.
Brieven als bedoeld bij lid 1 dienen in de "ik-vorm" te worden geschreven.
Artikel 10
Wijze van ondertekening bij mandaat
Onderdeel van Herziene Mandaatregeling Opsterland 2010