**1..** Een belanghebbende wordt voor de in het tweede lid van artikel 20 onder a vermelde collectieve vervoersvoorziening in aanmerking gebracht, indien:
aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek, inclusief chronische psychische en psychosociale problemen het gebruik van het openbaar vervoer of het bereiken van het openbaar vervoer onmogelijk maken en
de te verstrekken voorziening bijdraagt tot het bereiken van het doel zoals dat genoemd is in het eerste lid van artikel 20.
**2..** Een belanghebbende wordt voor de in het tweede artikel 20 onder b, c, d, en e vermelde voorziening in aanmerking gebracht wanneer het gebruik van een collectief systeem als bedoeld in het tweede lid van artikel 20 onder a niet aanwezig is of niet tot een compenserende oplossing leidt.
**3..** Een belanghebbende die voor de in het tweede lid van artikel 20 onder a vermelde collectieve vervoersvoorziening in aanmerking is gebracht, heeft de keuze tussen:
de verstrekking van een vervoerpas ten behoeve van deelname aan het collectief vervoersbedrag;
een financiële tegemoetkoming in de kosten van eigen vervoer.
Hoofdstuk 8
Artikel 21.
Toekenning vervoersvoorzieningen
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2011