Naar hoofdinhoud

Artikel 2.

Branchering.

Onderdeel van Branchebesluit Maastricht 2011

1.. Op de markten mag uitsluitend een soort of assortiment van waren of goederen worden verhandeld uit de hoofdbranches en bijbehorende branches die zijn aangewezen in het branchepatroon van de betreffende markt, zoals opgenomen in de bijlage van dit besluit. 2.. Per markt en per branche krijgen niet meer standplaatshouders vergunning dan het in het branchepatroon van de betreffende markt voor die branche vastgestelde maximum. 3.. Met uitzondering van het bepaalde in artikel 3 mag een marktvergunninghouder slechts in één branche actief zijn. Deze branche wordt vermeld op de vergunning van de betreffende marktvergunninghouder. Vermenging van branches is niet toegestaan. 4.. Een vaste vergunninghouder mag een andere branche of een artikel uit een andere branche in zijn assortiment voeren dat nog niet wordt aangeboden op de betreffende markt. Hij mag daarvoor maximaal 25% van zijn standplaats gebruiken. 5.. Aan de meeloper met een artikel uit een branche waarvan het maximum aantal vergunninghouders is bereikt, maar dat niet door vaste vergunninghouders wordt aangeboden op het moment dat hij zich meldt, kan een dagvergunning worden verleend. 6.. Marktondernemers handelend in een branche aangewezen in een thema, kunnen alleen toewijzing voor een standplaats krijgen op een van de kramen gelegen in het betreffende themagebied. Als een standplaats binnen een thema niet kan worden opgevuld met een branche aangewezen in dit thema dan kan deze plaats op dat moment als een nietgethematiseerde plaats worden aangewezen. 7.. Bij erfopvolging dient de opvolger in dezelfde branche actief te zijn als waarin de ouder actief was.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel