Naar hoofdinhoud
besluit: Het recht als bedoeld in artikel 6.4 derde lid van de Wet ruimtelijke ordening te verhogen met € 200,-- en vast te stellen op € 500,--, indien niet aangetoond kan worden dat de aanvrager blijkens de aangifte inkomstenbelasting of andere bescheiden in de twaalf maanden voorafgaand aan het indienen van de aanvraag een inkomen heeft genoten ten bedrage van ten hoogste 110% van het wettelijk minimumloon; Deze verordening treedt in werking op 6 november 2008. De verordening ter verhoging van het recht als bedoeld in artikel 49 WRO, derde lid in te trekken voor zover deze verordening betrekking heeft op planschadeverzoeken die zijn ontvangen na 5 november 2008.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel