Naar hoofdinhoud

Artikel 3

GEBRUIK MANDAAT

Onderdeel van Mandaatbesluit 2009-II

1.. Van het mandaat c.q. volmacht en machtiging mag uitsluitend gebruik worden gemaakt, wanneer deze uitoefening van de bevoegdheid: geschiedt in overeenstemming met terzake vastgestelde regelgeving en /of vastgestelde beleidsregels en/of door het bestuursorgaan vastgestelde beleidsnotities; past binnen de voor de uitvoering van de taak beschikbaar gestelde budgetten en de vastgestelde personeelsformatie. 2.. De gemandateerde maakt van de hem opgedragen bevoegdheid geen gebruik indien: een intern dan wel extern advies over de desbetreffende aangelegenheid niet overeenstemt met eerder uitgebrachte adviezen en/of beleidsnotities; het beslissingen betreft: op Awb-bezwaarschriften; betreffende het instellen van (hoger) beroep of het vragen van voorlopige voorzieningen, dan wel andere gerechtelijke procedures; het toepassen van bestuursdwang of het opleggen van een dwangsom tenzij uitdrukkelijk in het register specifiek is beschreven; het doen van voorstellen aan de raad; het vaststellen van beleidsregels ten aanzien van de bevoegdheden die onderwerp van het mandaat zijn.

Rechtspraak bij dit artikel