Naar hoofdinhoud

Artikel 3

GEBRUIK MANDAAT

Onderdeel van Mandaatbesluit/-register griffiepersoneel 2003-II

1.. Van het mandaat mag uitsluitend gebruik worden gemaakt, wanneer deze uitoefening van de bevoegdheid: geschiedt overeenkomstig terzake vastgestelde regelgeving en /of vastgestelde beleidsregels en/of door het bestuursorgaan vastgestelde beleidsnotities; past binnen de voor de uitvoering van de taak beschikbaar gestelde budgetten en de vastgestelde personeelsformatie. 2.. De functionaris maakt van de hem opgedragen bevoegdheid geen gebruik indien: een intern dan wel extern advies over de desbetreffende aangelegenheid niet overeenstemt met eerder uitgebrachte adviezen en/of beleidsnotities; het beslissingen betreft: op klachten waarover de Ombudscommissie heeft geadviseerd; op Awb-bezwaarschriften dan wel administratieve beroepschriften; inzake het instellen van (hoger) beroep of het vragen van voorlopige voorzieningen, dan wel andere gerechtelijke procedures; het vaststellen van beleidsregels. voorzien kan worden dat het feitelijk toepassen van het mandaat politieke consequenties krijgt of vermoedelijk kan krijgen. In ieder geval betreft dit: zaken die op een bepaalde manier in de schijnwerpers van de publiciteit staan; kwesties waarover krachtens artikel 37 Reglement van Orde vragen gesteld zijn; gevallen waaraan bepaalde (bijvoorbeeld qua imago, financiële, juridische, personele en bedrijfsorganisatorisch) risico's kleven en de daartegen te nemen maatregelen een bestuurlijke afweging vereisen.

Rechtspraak bij dit artikel