Naar hoofdinhoud
1. De commissie wordt tijdig –in de regel 10 dagen van te voren- ter vergadering opgeroepen met een oproepingsbrief, waarin zoveel mogelijk de te behandelen onderwerpen zijn vermeld. 2. Een vergadering kan slechts worden gehouden indien de voorzitter of diens plaatsvervanger een ander lid van de werkgeversdelegatie en van de werknemersdelegatie en van de werknemersvertegenwoordiging tenminste de helft aanwezig is. 3. Indien de vergadering geen doorgang kan vinden, omdat niet wordt voldaan aan de vereisten als genoemd in lid 2 van dit artikel, worden in de oproepingsbrief aan de orde te stellen onderwerpen door de voorzitter geplaatst op de agenda van een binnen 14 dagen te houden nieuwe vergadering. In welke vergadering die onderwerpen in ieder geval zullen worden behandeld, ook al is er sprake van onvoltalligheid als bedoeld in lid 2 van dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel