De huishoudelijke verzorging, ook wel hulp bij het huishouden genoemd, is afkomstig uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, waar de functie huishoudelijke verzorging één van de zeven functies was die onder de AWBZ vielen en uitgewerkt werden in het besluit zorgaanspraken AWBZ. Op 1 januari 2007 is deze functie uit de AWBZ geschrapt (artikel 41, lid 2 Wmo) en heeft de Wmo op basis van artikel 4 lid 1 onder a. deze functie overgenomen. Hierbij wordt gesproken over “een huishouden te voeren” waaronder in de verordening Wmo zowel huishoudelijke verzorging wordt verstaan als de woonvoorzieningen uit de Wvg.
Huishoudelijke verzorging is gericht op het motiveren, aansturen, instrueren en zo nodig overnemen van het huishouden, het organiseren en structureren ervan. Huishoudelijke verzorging omvat (geen limitatieve opsomming):- De essentiële hygiëne van de huishouding: schone bedden, kleding, sanitair, vloeren stofzuigen en dweilen;- Incidentele werkzaamheden als het schoonhouden van ramen, kasten, enz;- Verzorgen van dieren en planten;- Het zorgen voor eten en drinken: aanschaffen van voedingsmiddelen, bereiden en tot zich doen nemen van voeding en drinken, afvoeren van vuilnis;- Het verzorgen van de aanwezige hulpbehoevende personen (kinderen).
Huishoudelijke verzorging is aangewezen indien de aanvrager beperkingen ondervindt in het voeren van het huishouden die gerelateerd zijn aan beperkingen op het gebied van sociale redzaamheid en/of mobiliteit.Huishoudelijke verzorging komt in beeld als disfunctioneren dreigt. Dat kan zich uiten in vervuiling (van de woning of de kleding), verwaarlozing (gezondheidsrisico’s, persoonlijke verzorging, voeding en vocht) of ontreddering van zichzelf of van afhankelijke huisgenoten waardoor het functioneren in huis maar ook buitenshuis belemmerd wordt.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.1
Inleiding
Onderdeel van Verstrekkingenboek maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldambt