Onder natura verstrekkingen vallen goederen en diensten die de gemeente aan de gehandicapte in bruikleen toekent. Het voordeel van een verstrekking in bruikleen is dat we de voorziening kunnen hergebruiken. Vervoersvoorzieningen in natura worden in beginsel in bruikleen verstrekt voor een bepaalde periode. Daarna bekijken we of de omstandigheden zijn gewijzigd en stellen we de vervoersbehoefte/frequentie opnieuw vast.
De bruikleenautoBinnen het gemeentelijk beleid is de bruikleenauto het sluitstuk van de vervoersvoorzieningen. In vrijwel alle gevallen is het verstrekken van een (bruikleen-) auto de duurste oplossing en deze optie komt dus alleen aan de orde als er geen andere oplossingen zijn. Het gaat hier om een vervoersvoorziening die voorziet in de totale vervoersbehoefte op de korte en middellange afstanden. Dit kan zowel een (aangepaste) personenauto zijn als een (aangepaste) bus. Deze voorziening, die door de gemeente in bruikleen wordt verstrekt, kan gecombineerd worden met een financiële tegemoetkoming in de kosten van het gebruik van dit vervoermiddel.Uitgangspunt van deze voorziening is dat hiermee alle vervoersbehoeften kunnen worden ingevuld omdat het openbaar vervoer, collectief vervoer en andere verplaatsingsmiddelen (bijvoorbeeld fiets, (rolstoel) taxi, scootmobiel) niet in aanmerking komen. Vaak is een aangepaste rolstoelbus de enige mogelijkheid om het gehandicapte gezinslid te verplaatsen. Uiteraard zal eerst afgewogen moeten worden of het gebruik van collectief vervoer of een individuele rolstoel-taxi een voldoende minimaal adequate oplossing biedt.
Criteria voor verstrekkingen van een aangepaste (bruikleen) bus / auto:- zeer ernstig gehandicapt persoon.- Naast de medische noodzaak moet er tevens sprake zijn van:- grote vervoersbehoefte op de korte en middellange afstand in het kader van het leven van alledag;- veelvuldig dagelijks flexibel vervoer noodzakelijk (bijvoorbeeld door aanwezigheid van jonge, nietzelfstandige kinderen < 12 jaar);- afstanden kunnen niet met andere verplaatsings- of vervoersmiddelen worden afgelegd;- het gezinsleven staat volledig in het teken van het gehandicapte gezinslid. Bij elke verplaatsing moet het gezinslid mee of moet er oppas worden geregeld;- taxivervoer of een andere combinatie van vervoersvoorzieningen kan gezien de vervoersbehoefte niet als een adequate voorziening worden beschouwd worden;- afwezigheid van een aangepaste bruikleenbus of -auto leidt tot ernstige sociale ontwrichting van het gezin;- inkomen van de gehandicapte en zijn gezin. Voor een bruikleenauto geldt een inkomenstoets.
- Boven een bepaald norminkomen wordt geen bruikleenauto verstrekt of moet een eigen bijdrage worden betaald. De gemeente gaat ervan uit dat een auto boven een bepaald inkomen algemeen gebruikelijk is. Is de gehandicapte ouder dan 18 jaar dan telt het eigen inkomen van de gehandicapte.- bij de verstrekking van een auto of busje aan een gezin met een gehandicapt gezinslid onder de 18 jaar houden we rekening met het inkomen van de thuiswonende gezinsleden.- de bruikleenauto is niet bedoeld om alleen te worden gebruikt voor bovenregionaal en/of recreatief vervoer, maar mag men er wel mede voor gebruiken. Bij verstrekking van een bruikleenauto komen de kosten van onderhoud, verzeke¬ring, motorrijtui¬genbelasting voor rekening van de gemeente.Bij de verstrekking van een bruikleenauto hanteren we een inkomensgrens van 1,5 keer het norminkomen. Boven deze inkomensgrens stellen we dat een 'normale auto' algemeen gebruikelijk is. Alleen meerkosten voor speciale aanpassingen, of een speciale auto, bijvoorbeeld een busje, kunnen voor vergoeding in aanmerking komen. Dit betekent dat een deel van de kosten van een bruikleen-auto voor rekening komt van de gehandicapte en zijn of haar familie. De gemeente volgt hierin het door de VNG gehanteerde verstrekkingenbeleid inzake bruikleenauto's.Een al dan niet aangepaste gesloten buitenwagen Een gesloten buitenwagen is een specifiek invalidenvoertuig. Het is dan ook als zodanig omschreven in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens en moet aan bepaalde eisen voldoen. Een invalidenvoertuig is een (artikel 1 onder RVV-1990): ‘voertuig dat is ingericht voor het vervoer van een invalide, niet breder is dan een meter en niet is uitgerust met een motor dan wel is uitgerust met een verbrandingsmotor met een cilinderinhoud van ten hoogste 50 cm3 of met een elektromotor’.Ingevolge artikel 7 RVV-1990 dienen bestuurders van een invalidenvoertuig het trottoir, het voetpad, het fietspad of de rijbaan te gebruiken, al naar gelang deze aanwezig zijn en in voorkeursvolgorde weergeven. Maximumsnelheid binnen de bebouwde kom is 30 km, buiten de bebouwde kom 40 km. Deze gesloten buitenwagens kunnen een adequate voorziening zijn indien het collectief vervoerssysteem bij een grote vervoersbehoefte niet of onvoldoende adequaat is en de gehandicapte wisselende weersomstandigheden slecht verdraagt op grond van bijvoorbeeld ernstig hart- of longlijden of een sterk gestoord thermoregulatiesysteem. De gesloten buitenwagen is met name geschikt voor de korte en de middellange afstanden. De gesloten buitenwagen wordt in bruikleen verstrekt.Een open elektrische buitenwagen: de scootmobielDe scootmobiel is met name geschikt voor vervoer over de korte afstand. In principe verstrekken we een scootmobiel met een snelheid van 8 tot 10 km per uur.Criteria die we hanteren voor toekenning van een scootmobiel:- de cliënt kan (met loophulpmiddelen, bv. rollator) minder dan 100 meter lopen;- de cliënt kan niet lang staan;- hulpmiddelen (rollator, stok, elleboogkruk, handbewogen rolstoel, handbike) stellen gezien de zeer beperkte loopafstand de gehandicapte onvoldoende in staat deel te nemen aan het leven van alledag;- de gehandicapte kan geen gebruik (meer) maken van normale algemeen gebruikelijke vervoersvoorzieningen als een fiets, fiets met hulpmotor, brommer of snorscooter;- de voorzieningen liggen binnen een straal van 100 - 1500 meter;- TaxiPlus is onvoldoende adequaat;- er is een substantiële vervoersbehoefte in de directe omgeving van de woning: gebruik van scootmobiel voor maatschappelijk verkeer zoals boodschappen doen, bezoek aan familie / kennissen, bezoek aan vereniging e.d.;- gebruik van scootmobiel is niet alleen voor infrequente recreatieve doeleinden.
De Centrale Raad van Beroep heeft in enkele uitspraken (onder meer CRvB 27-11-1998, 97/5424 en 21-01-1997, 95/5106 WVG) bepaald dat de omstandigheid dat er bij een aanvrager sprake is van een zo geringe mobiliteit dat hij of zij voor vrijwel iedere verplaatsing buitenshuis is aangewezen op enigerlei vorm van gemotoriseerd vervoer, er - in verband met mogelijk daardoor optredende meerkosten ten opzichte van niet in hun mobiliteit beperkte personen - toe kan leiden dat een vervoersvoorziening welke uitsluitend strekt tot deelname aan collectief vervoer, onvoldoende compensatie biedt. Eén van de mogelijkheden is in zo’n geval het verstrekken van een scootmobiel voor het vervoer over zeer korte afstanden.
De aard van het gebruik van de scootmobiel door de aanvrager is van belang. De scootmobiel dient gebruikt te worden voor noodzakelijke dagelijkse activiteiten en niet alleen voor recreatieve uitstapjes. Bovendien is de vraag van belang hoe vaak de aanvrager de scootermobiel zal gebruiken. Wordt de scootmobiel dagelijks gebruikt om bijvoorbeeld boodschappen te doen of voornamelijk gebruikt om een eindje te kunnen rijden bij mooi weer? Voorwaarden voor de verstrekking van een scootmobiel is dat de gehandicapte verkeersinzicht heeft en dat er een berging is voor de scootmobiel. Een hoes of klein afdakje is geen adequate stalling voor een scootmobiel. Bij levering van de scootmobiel dienen de eventuele noodzakelijke aanpassingen van deze stalling al te zijn gerealiseerd. Bij stalling van scootmobielen in een gemeenschappelijke ruimte in een wooncomplex moet de gemeente voordat ze een beslissing op de aanvraag kan nemen zeker weten dat de woningeigenaar toestemming heeft gegeven en dat ook de medebewoners geen bezwaren hebben. Een aantal accessoires worden standaard of op verzoek bijgeleverd. De gemeente verschaft indien noodzakelijk gratis lessen/training in het rijden met de scootmobiel.Bij de advisering van een scootmobiel wordt altijd eerst gekeken of een standaard scootmobiel een adequate oplossing biedt. Is deze om medische redenen niet adequaat dan kan een ander model worden geadviseerd.Er bestaan scootmobielen die voorzien zijn van extra goede vering. Deze scootmobielen zijn duurder dan de standaard scootmobielen. Een aanvrager kan uitsluitend voor een geveerde scootmobiel in aanmerking komen indien deze vering medisch gezien noodzakelijk is. Dit moet derhalve blijken uit een medisch advies.
Voordat de scootmobiel wordt verstrekt dient ingevolge artikel 18 van het Besluit door de aanvrager een besparingsbijdrage te worden betaald. Dit is het bedrag dat door de aanvrager wordt bespaard, omdat hij door de verstrekking van een voorziening, zoals een scootmobiel, zelf geen algemeen gebruikelijk hulpmiddel (reguliere fiets) hoeft te kopen. De afschrijvingsduur is vastgesteld op 7 jaar.Zodra de besparingsbijdrage is betaald en de bruikleenovereenkomst is ondertekend zal door het cluster Wmo de scootmobiel worden besteld bij de leverancier.Rijlessen:Indien een aanvrager beschikt over een voorziening van de Wmo of gaat beschikken over een voorziening, kunnen rijlessen verstrekt worden als onderzoeksmethode, om te bepalen of iemand gebruik kan maken van de (gevraagde) voorziening of om de aanvrager te leren omgaan met de voorziening. Een serie rijlessen wordt in principe slechts één maal verstrekt per voorziening en wordt verzorgd door de leverancier. Indien er meerdere rijlessen noodzakelijk zijn, is het mogelijk om dit via de Thuiszorg, afdeling ergotherapie aan te vragen. Indien medisch noodzakelijk en het verzoek via de Wmo wordt ingediend kunnen de kosten in rekening worden gebracht bij de Wmo.
Een ander verplaatsingsmiddelAangepaste fietsenHet meest gebruikelijke verplaatsingsmiddel is de fiets. Derhalve kan de fiets (ook met verlaagde instap) als algemeen gebruikelijk worden beschouwd. Een fiets met hulpmotor c.q. elektrische fiets wordt ook als algemeen gebruikelijk beschouwd en komt niet voor verstrekking in aanmerking
Andere aangepaste fietsen zijn:Driewiel (lig) fietsenDeze fietsen worden speciaal gebruikt door gehandicapten met een slecht evenwicht, verstandelijk gehandicapten of mensen met een gestoorde motoriek. De gemeente verstrekt een driewielfiets met of zonder hulpmotor en een driewielligfiets in bruikleen aan degenen die voor fietsvervoer in het dagelijks leven daarop zijn aangewezen. Leeftijd hoeft daarbij niet van belang te zijn, hoewel er bij kinderen voor verstrekking wel sprake moet zijn van behoefte aan verplaatsing. Ook voor deze voorziening geldt een besparingsbijdrage zoals genoemd in artikel 18 van het Besluit met een afschrijvingsduur van 7 jaren. Een normale (kinder) driewieler wordt als algemeen gebruikelijk beschouwd en komt niet voor verstrekking in aanmerking. Tandem of duofietsDe tandem is een vervoersmogelijkheid voor personen die zonder hulp van een bestuurder niet zelfstandig tot fietsen in staat zijn. Hierbij kan gedacht worden aan visueel gehandicapten (zeer slechtziend of blind) of aan sommige groepen motorisch gehandicapten of aan verstandelijk gehandicapten, waarvoor het noodzakelijk is dat een ander een vast tempo aangeeft en het stuur ter hand neemt. Gehandicapten met een ruime vervoersbehoefte en een vervoersbehoefte die voor een substantieel deel met de tandem kan worden ingevuld komen in aanmerking voor een tandem (minus de kosten van een normale fiets) Voorwaarde is wel dat een goede berging aanwezig is. Ook voor deze voorziening geldt een besparingsbijdrage zoals genoemd in artikel 18 van het Besluit met een afschrijvingsduur van 7 jarenHandbikeDit hulpmiddel is een al dan niet elektrisch fietsdeel, dat gekoppeld wordt aan een bestaande rolstoel. De handbike verstrekken we in bruikleen aan gehandicapten die zijn aangewezen op een rolstoel en met de combinatie rolstoel / fietsdeel een substantieel deel van de bestemming in het kader van het leven van alle dag bereiken.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.3.3.3
Individuele vervoersvoorzieningen in natura
Onderdeel van Verstrekkingenboek maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldambt