Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1.

Artikel 1.

Definities

Onderdeel van MONUMENTEN- EN ARCHEOLOGIEVERORDENING 2011

Deze verordening verstaat onder: Archeologisch terrein of vindplaats: Een terrein waarvan bekend is dat er in het verleden archeologische vondsten zijn gedaan. Beschermd stads- c.q. dorpsgezicht: Stads- c.q. dorpsgezicht dat als zodanig ingevolge artikel 35 van de Monumentenwet 1988 is aangewezen. Bevoegd gezag: Het bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1., eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Casco: De muren en de kap inclusief de fundering. Hiertoe worden ook de buitenafwerking en de ramen, vensters, kozijnen en deuren in de buitenmuren gerekend. College: Het college van burgemeester en wethouders. Commissie Beeldkwaliteit: De in hoofdstuk 3 bedoelde en in de Verordening op de Commissie Beeldkwaliteit voorziene commissie. Eigenaar: De natuurlijke persoon of rechtspersoon, die het recht van eigendom dan wel een anders zakelijk recht heeft op een monument. Gemeentelijk monument: Van algemeen belang zijnde onroerende zaken die bij besluit van het college als gemeentelijk monument zijn aangewezen. Niet-rendabel rijksmonument: Een rijksmonument dat uit de aard der zaak niet op een rendabele wijze geexploiteerd kan worden. Omgevingsvergunning: Een vergunning als bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Rijksmonument: Onroerende monumenten, die zijn ingeschreven in de ingevolge de Monumentenwet 1988 vastgestelde registers. Subsidiabele kosten: De voor een subsidie in aanmerking komende kosten zoals beschreven in hoofdstuk 4 van deze verordening. Subsidieplafond: Het bedrag dat gedurende een kalenderjaar ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies krachtens deze verordening. Technische omschrijving: Een beschrijving van de geplande werkzaamheden waaruit blijkt: a. waarom ze noodzakelijk zijn (eventueel geillustreerd met foto's); b. hoe en met welke materialen ze worden uitgevoerd.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel