Lid 1
Een klacht wordt door de klager schriftelijk bij de klachtencommissie ingediend, binnen één jaar na de ongewenste gebeurtenis.
Lid 2
De klacht wordt ondertekend en bevat ten minste:
de naam en het adres van de klager;
de dagtekening;
een omschrijving van de gedraging(en) waartegen de klacht is gericht;
de naam of namen van de aangeklaagde(n);
een omschrijving van de periode waarin de gedraging of gedragingen plaatsvond(en).
Lid 3
De commissie bevestigt schriftelijk binnen twee weken de ontvangst van de klacht.
Lid 4
Indien:
is voldaan aan de vereisten van de artikelen 2 en 7 lid 1 en 2 van deze regeling wordt de klacht in behandeling genomen en zendt de commissie een afschrift van de klacht en van de aan haar overgelegde stukken aan de aangeklaagde. Klager en aangeklaagde worden geïnformeerd over de te volgen procedure.
niet is voldaan aan de vereisten van de artikelen 2 en 7 lid 1 en 2 van deze regeling kan de klacht niet-ontvankelijk worden verklaard. Indien het verzuim een van de vereisten van artikel 7 lid 2 betreft dient de klager in de gelegenheid te worden gesteld het verzuim binnen een daarvoor gestelde redelijke termijn te herstellen.
Lid 5
De klager en de aangeklaagde worden, in principe afzonderlijk, door de commissie gehoord. Van het horen wordt een verslag gemaakt dat aan beide partijen wordt toegezonden. Klager en aangeklaagde kunnen zich tijdens het horen laten bijstaan.
Lid 6
Ten behoeve van het onderzoek kan de klachtencommissie getuigen en andere betrokkenen horen, deskundigen raadplegen en de betreffende werkplek in ogenschouw nemenTen aanzien van het gebruik van gegevens omtrent betrokken personen is de Wet bescherming persoonsgegevens van toepassing..
Lid 7
Tijdens het onderzoek kan de commissie, na instemming van de klager, een voorstel doen tot bemiddeling en adviseren daartoe een bemiddelaar aan te stellen. De klager dient met de bemiddeling in te stemmen, de aangeklaagde wordt hiervan in kennis gesteld. De bemiddelaar rapporteert omtrent de resultaten van de bemiddeling aan de commissie.
Lid 8
De zittingen en de adviezen van de klachtencommissie zijn niet openbaar.
Lid 9
De commissie brengt binnen acht weken na ontvangst van de klacht een schriftelijk advies uit aan het bevoegd gezag. De commissie kan deze termijn éénmaal verlengen met vier weken. Een verdere verlenging is slechts mogelijk met instemming van de klager.
Lid 10
In het schriftelijke advies van de commissie wordt gemotiveerd aangegeven of de klacht ontvankelijk, gegrond of ongegrond wordt geacht.
Lid 11
Een afschrift van het advies van de commissie wordt aan beide, de klager en de aangeklaagde, gezonden.
Lid 12
Binnen zes weken na ontvangst van het advies van de klachtencommissie neemt het bevoegd gezag een besluit. Deze beslissing wordt terstond door het bevoegd gezag schriftelijk aan de klager en aan de aangeklaagde medegedeeld. De klachtencommissie wordt tevens daarover schriftelijk geïnformeerd.
Lid 13
Indien de beslissing van het bevoegd gezag afwijkt van het advies van de klachtencommissie dient dit in de beslissing te worden gemotiveerd.
Lid 14
Het bevoegd gezag ziet er op toe dat:
de klager na afhandeling van de klacht geen nadelige gevolgen in de werksfeer ondervindt van het indienen van de klacht.
tevens de aangeklaagde daarvan geen nadelige gevolgen in de werksfeer ondervindt, behoudens de eventueel genomen maatregelen van het bevoegd gezag naar aanleiding van de klacht.
Lid 15
Leden van de klachtencommissie mogen niet vanwege hun lidmaatschap van de klachtencommissie benadeeld worden in hun positie als ambtenaar of anderszins.
Hoofdstuk
Artikel 7
Klachtenprocedure
Onderdeel van Klachtenregeling ongewenste omgangsvormen binnen de gemeentelijke organisatie