De gemeente draagt er zorg voor dat degene die als lid of als
plaatsvervangend lid door een organisatie is aangewezen voor de
commissie bedoeld in artikel 12:1, tweede lid, dan wel activiteiten
vervult waarvoor hij krachtens artikel 6:4:2 buitengewoon verlof kan
genieten, niet uit hoofde van zijn lidmaatschap of activiteiten
wordt benadeeld in zijn positie in de gemeentelijke
organisatie.