**1..** De duur van het vakantieverlof van de ambtenaar met een voltijd-betrekking bedraagt, overeenkomstig artikel 6:2, lid 1 van de CAR, 158,4 uur per kalenderjaar (22 x 7,2 u).
**2..** In afwijking van het gestelde in lid 1 wordt dit basis-vakantieverlof structureel opgehoogd met 7,2 uur (1 dag).
**3..** Het basisverlof overeenkomstig de leden 1 en 2, wordt verhoogd met:
21,6 uur bij een leeftijd van 18 jaar of jonger,*
14,4 uur bij een leeftijd van 19 jaar,*
7,2 uur bij een leeftijd van 20 jaar,*
7,2 uur bij een leeftijd van 30 t/m 39 jaar,**
14,4 uur bij een leeftijd van 40 t/m 44 jaar,**
21,6 uur bij een leeftijd van 45 t/m 49 jaar;**
28,8 uur bij een leeftijd van 50 t/m 54 jaar,**
36 uur bij een leeftijd van 55 t/m 59 jaar,**
43,2 uur bij een leeftijd van 60 jaar en ouder**.
* Bij 20 jaar en jonger geldt de leeftijd op 1 januari van het verlofjaar.
**Bij 30 jaar en hoger geldt de leeftijd die in het verlofjaar bereikt wordt.
Hoofdstuk III
Artikel 7
Basisverlof en aanvullend leeftijdsverlof
Onderdeel van Regeling Arbeidsduur en Vakantieverlof (2010-10/2)