**1.** Alvorens het college het programma en het overzicht
vaststelt, worden de bevoegde gezagsorganen in een overleg
in de gelegenheid gesteld hun zienswijze over de voorgenomen
inhoud van dat voorstel naar voren te brengen.
**2.** Het overleg als bedoeld in het eerste lid vindt plaats voor
15 november. De bevoegde gezagsorganen worden ten minste
twee weken voor het college vastgestelde datum schriftelijk
daarvan in kennis gesteld. Zij worden hierbij tevens in
kennis gesteld van de voorgenomen inhoud van het
voorstel.
**3.** De bevoegde gezagsorganen die niet deelnemen aan het overleg
als bedoeld in het eerste lid, kunnen vóór de in het tweede
lid bedoelde datum hun zienswijze schriftelijk kenbaar maken
aan burgemeester en wethouders. Het college stelt de
deelnemers aan het overleg hiervan in kennis.
**4.** Van de in het overleg door de bevoegde gezagsorganen naar
voren gebrachte zienswijzen, van de tijdig ingediende,
schriftelijk kenbaar gemaakte zienswijzen en van de reactie
van het college op deze zienswijzen, wordt door het college
een verslag gemaakt. Het verslag wordt toegezonden aan alle
bevoegde gezagsorganen.
**5.** Indien een bevoegd gezag of het college een advies wensen
van de Onderwijsraad over het voorstel met betrekking tot de
voorgenomen inhoud van het programma in relatie tot de
vrijheid van richting en de vrijheid van inrichting, dan
wordt dit door het bevoegd gezag of het college tijdens het
overleg als bedoeld in het eerste lid kenbaar gemaakt. Dit
gebeurt aan de hand van een schriftelijk gemotiveerde
omschrijving van de onderwerpen waarover het advies van de
Onderwijsraad wordt verwacht. Hierbij wordt tevens het
verband aangegeven tussen deze onderwerpen en de vrijheid
van richting en de vrijheid van inrichting.
**6.** De bevoegde gezagsorganen en het college worden in het
overleg in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen naar voren
te brengen over een verzoek om advies van de Onderwijsraad.
Het schriftelijke verzoek om advies en de daarover naar
voren gebrachte zienswijzen maken deel uit van het verslag
van het overleg als bedoeld in het vierde lid.
**7.** Het college is belast met de indiening van een verzoek om
advies bij de Onderwijsraad. Daarbij zorgen zij ervoor dat
de Onderwijsraad alle stukken, waaronder het schriftelijk
verslag van het overleg met de daarin opgenomen zienswijzen,
ontvangt die nodig zijn voor de beoordeling van het
verzoek.
**8.** Een afschrift van het door de Onderwijsraad uitgebrachte
advies wordt zo spoedig mogelijk door het college
toegezonden aan de bevoegde gezagsorganen. Indien het geheel
of gedeeltelijk opvolgen van het advies van de Onderwijsraad
zou leiden tot een of meer inhoudelijke bijstellingen van de
voorgenomen inhoud van het programma, dan worden de bevoegde
gezagsorganen door het college bij de toezending van het
afschrift van het advies uitgenodigd voor een nader overleg.
In alle andere gevallen beoordeelt het college of nader
bestuurlijk overleg over het advies van de Onderwijsraad
noodzakelijk is. Het college geeft dit aan bij de toezending
van het afschrift van het advies van de Onderwijsraad.
**9.** Het nader overleg als bedoeld in het vorige lid vindt binnen
twee weken plaats na toezending van het advies van de
Onderwijsraad aan de bevoegde gezagsorganen. Het college
maakt van dit overleg een verslag en voegt dit toe aan het
verslag als bedoeld in het vierde lid.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 10
Overleg programma en overzicht; advies Onderwijsraad
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Bergen (L.)