**1..** Een persoonsgebonden budget voor onroerende woonvoorzieningen bedraagt 100% van de noodzakefljke kosten om de beperkingen op het gebied van het normale gebruik van de woning te compenseren zoals bepaald in het toekenningbesluit.
**2..** Een persoonsgebonden budget voor roerende woonvoorzieningen is even hoog als het bedrag wat het college, op basis van afspraken met de eigen leverancier (prijs/korting), zou moeten betalen voor een voorziening in natura.
**3..** De administratiekosten, genoemd in artikel 3.1 lid 3 sub k van de verordening, die verhuurder maakt ten behoeve van het treffen van een voorziening voor de ondersteuningsvrager bedragen, voor zover de kosten onder artikel 3.1 lid 3 sub a t/m k van de verordening meer zijn dan € 1000,00 10% van die kosten, met een maximum van € 350,00; indien en voor zover deze kosten noodzakelijkerwijs optreden.
**4..** De maximale aanpassingskosten genoemd in artikel 3.14 van de verordening bedragen € 1000,00.
**5..** Het bedrag genoemd in artikel 1.1 onder o en in de artikelsgewijze toelichting onder artikel 9.1 van de verordening betreft een bedrag van €45.000,00.
**6..** Het bedrag genoemd in artikel 3.4 lid 2, in artikel 3.9, in artikel 3.17 en in artikel 3.19 van de verordening betreft een bedrag van € 7.000,00.
Paragraaf 2
Artikel 5
Persoonsgebonden budget en drempelbedragen voor een woonvoorziening
Onderdeel van Besluit voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Gemeente Geertruidenberg 2007