In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
Prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten
van seksuele handelingen met een ander tegen
vergoeding;
Prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het
verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen
vergoeding;
Prostitutiebedrijf: de voor het publiek toegankelijke
besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof
zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht,
of vertoningen van erotisch-pornografische aard
plaatsvinden. Onder een prostitutiebedrijf worden in elk
geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal,
sekstheater, bordeel, een parenclub of prostitutiebedrijf
waaronder tevens begrepen een erotische massagesalon, al dan
niet in combinatie met elkaar;
Escortbedrijf: de natuurlijke persoon, groep van personen of
rechtspersoon die bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij
bedrijfsmatig was, prostitutie aanbiedt die op een andere
plaats dan in de bedrijfsruimte wordt uitgeoefend;
Exploitant: de natuurlijke persoon of personen, of
rechtspersoon of rechtspersonen die een prostitutiebedrijf
of escortbedrijf exploiteert of exploiteren en de tot
vertegenwoordiging van die rechtspersoon of rechtspersonen
bevoegde natuurlijke persoon of personen;
Beheerder: de natuurlijke persoon of personen die de
onmiddellijke feitelijke leiding uitoefent of uitoefenen in
een prostitutiebedrijf of escortbedrijf;
Bezoeker: degene die aanwezig is in een prostitutiebedrijf,
met uitzondering van:
de exploitant;
de beheerder;
de prostitué(e);
het personeel dat in de inrichting werkzaam is;
toezichthouders als bedoeld in artikel 6.2;
andere personen wier aanwezigheid in de inrichting
wegens dringende redenen noodzakelijk is;
Hoofdstuk 3. › Afdeling 1:
Artikel 3.1.1.
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening