1.
Indien gedeelten van een in artikel 3 bedoeld perceel blijkens hun indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, wordt de belasting geheven ter zakevan elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien verstande dat indien twee of meer van diegedeelten tezamen als één geheel worden gebruikt, deze als één perceel wordenaangemerkt.