Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Afdeling 1.

Artikel 4:5

Onversterkte muziek

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Veenendaal

1.. Bij het ten gehore brengen van onversterkte muziek, zoals bedoeld in artikel 2.18, eerste lid onder f en vijfde lid van het Besluit binnen inrichtingen is de onder e. opgenomen tabel van toepassing, met dien verstande dat: de in de tabel aangegeven waarden binnen in- of aanpandige gevoelige gebouwen niet gelden indien de gebruiker van deze gevoelige gebouwen geen toestemming geeft voor het in redelijkheid uitvoeren of doen uitvoeren van geluidsmetingen; de in de tabel aangegeven waarden op de gevel ook gelden bij gevoelige terreinen op de grens van het terrein; de waarden in in- en aanpandige gevoelige gebouwen, voor zover het woningen betreft, gelden in geluidsgevoelige ruimten en verblijfsruimten; de beoordeling vindt plaats aan de hand van de Handleiding meten en rekenen Industrielawaai (dcember 2004). Tabel (LAr,LT staat voor langtijdgemiddelde beoordelingsniveau): 7.00 – 19.00 uur 19.00 – 23.00 uur 23.00 – 7.00 uur LAr,LT op de gevel van gevoelige gebouwen 55 dB(A) 50 dB(A) 40 dB(A) LAr,LT in in- en aanpandige gevoelige gebouwen 40 dB(A) 35 dB(A) 25 dB(A) 2.. Burgemeester en wethouders kunnen geluidsnormen stellen die afwijken van de in lid 1 genoemde waarden. 3.. Indien versterkte elementen worden gecombineerd met onversterkte elementen, wordt het hele samenspel beschouwd als versterkte muziek en is het Besluit van toepassing. 4.. Het eerste lid geldt niet indien artikel 4:2 of artikel 4:3 van deze verordening van toepassing is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel