De subsidie wordt niet verleend indien een of meerdere van de navolgende situaties zich voordoen:
Wanneer door het verlenen van subsidie het in artikel 3 bedoelde subsidieplafond wordt overschreden.
Wanneer een voor de werkzaamheden vereiste vergunning op grond van de Monumentenverordening Laarbeek dan wel een anderszins vereiste vergunning niet is verleend.
Wanneer de kosten van de voorzieningen niet geacht kunnen worden te staan in redelijke verhouding tot het te verkrijgen resultaat.
Wanneer met het treffen van de voorzieningen is begonnen voordat hiervoor van de gemeente een aanvraag voor subsidie is ingediend.
Wanneer de kosten op grond van een verzekeringsovereenkomst zijn gedekt of doordat de btw verhaalbaar is.
Wanneer de monumentale waarde van een pand wordt aangetast.
Wanneer het pand waaraan de voorzieningen worden getroffen is bestemd om binnen een periode van 10 jaar te worden afgebroken.
Wanneer het bedrijf dat de voorzieningen zal treffen niet is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel tenzij er sprake is van zelfwerkzaamheid.
Hoofdstuk 4
Artikel 14
Afwijzingscriteria
Onderdeel van Subsidieverordening monumenten gemeente Laarbeek