Een bedrag per jaar per jeugdlid, naar rato van het totaal aantal
jeugdleden over dat jaar, met inachtneming van het bepaalde onder B,
C en D.
Bij de berekening van het subsidiebedrag per vereniging een factor
1, 2, 3, 4 of 5 toepassen, welke factor wordt bepaald door het
percentage jeugdleden van een sportvereniging ten opzichte van het
totale aantal leden van die vereniging.
de factor 1 toepassen bij het percentage 10,01 t/m
20,00
de factor 2 toepassen bij het percentage 20,01 t/m
40,00
de factor 3 toepassen bij het percentage 40,01 t/m
60,00
de factor 4 toepassen bij het percentage 60,01 t/m
80,00
de factor 5 toepassen bij het percentage 80,01 en
hoger.
Sportverenigingen, waarvan het aantal jeugdleden 10% of minder
bedraagt dan het totaal aantal leden van die sportverenigingen niet
voor jeugdsportsubsidie in aanmerking laten komen.