Schriftelijke vragen worden kort en duidelijk geformuleerd. De
vragen kunnen van een toelichting worden voorzien. Bij de vragen
wordt aangegeven, of schriftelijke of mondelinge beantwoording
wordt verlangd.
De vragen worden bij de voorzitter van de raad ingediend. Deze
draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis
van de overige leden van de raad en het college worden
gebracht.
Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in
ieder geval binnen dertig dagen, nadat de vragen zijn
binnengekomen. Mondelinge beantwoording vindt plaats in de
eerstvolgende raadsvergadering. Indien beantwoording niet binnen
deze termijnen kan plaatsvinden, stelt het (verantwoordelijk lid
van het) college de vragensteller hiervan gemotiveerd in kennis,
waarbij de termijn aangegeven wordt, waarbinnen beantwoording
zal plaatsvinden. Dit bericht wordt behandeld als een
antwoord.
De antwoorden worden door het (verantwoordelijk lid van het)
college aan de leden van de raad medegedeeld.
De vragen en antwoorden worden gelijktijdig met de stukken als
bedoeld in artikel 20 aan de leden van de raad toegezonden.
De vragensteller kan, bij schriftelijke beantwoording in de
eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording
in dezelfde raadsvergadering, na de behandeling van de op de
agenda voorkomende onderwerpen nadere inlichtingen vragen
omtrent het door de burgemeester of door het college gegeven
antwoord, tenzij de raad anders beslist.
Hoofdstuk 4
Artikel 41
Schriftelijke vragen
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad der gemeente Heerde 2006