Naar hoofdinhoud
Tijdens de Ronde Tafel Gesprekken wordt door de voorzitter de volgende volgorde aangehouden Belanghebbenden en deskundigen hebben de gelegenheid in het gesprek relevante informatie, ideeën en meningen naar voren te brengen. Het stellen van vragen door belanghebbenden en deskundigen aan de wethouder is in een RTG niet aan de orde. Het college of een lid ervan heeft de gelegenheid in het gesprek een beknopte aanvullende toelichting op aan de orde zijnde stukken te geven en te reageren op de inbreng van andere deelnemers aan het gesprek. De raadsleden of burgerfractieleden hebben de gelegenheid aan de andere deelnemers, zonodig kort gemotiveerd vanuit een eerste gedachtegang over het voorliggend voorstel - een (nadere) toelichting te vragen op ingebrachte stukken of de in het gesprek naar voren gebrachte zaken. De voorzitter hanteert bij het woord geven voor het stellen van de vragen als bedoeld in lid 3, een stelsel waarbij de fracties bij toerbeurt met het stellen van vragen over een geagendeerd raadsvoorstel kunnen beginnen. Bij aanvang van behandeling van het voorstel vraagt de voorzitter aan het raadslid of burgerfractielid dat aan het woord is aan hoeveel vragen hij wenst te stellen. Iedere fractievertegenwoordiger mag per geagendeerd onderwerp maximaal 10 vragen stellen. De voorzitter hanteert daarbij de volgende volgorde: De fractievertegenwoordiger die aan de beurt is kan drie vragen stellen. Degene(n) aan wie de vragen zijn gesteld beantwoord(t)(en) de vragen. Vervolgens geeft de voorzitter aan de volgende fractievertegenwoordiger, bezien met de klok mee, vanaf de vertegenwoordiger die met de vraagstelling is begonnen, de gelegenheid tot het stellen van drie vragen, waarna deze beantwoord worden. Dit roulatiesysteem wordt gehanteerd totdat iedere fractievertegenwoordiger zijn vragen heeft gesteld. Het stellen van vragen om feitelijke informatie, van geringe omvang (als bedoeld in de verordening ambtelijke bijstand) is tijdens de vergadering niet aan de orde. Een raadslid wendt zich met deze vragen conform hetgeen daarover geregeld is in de verordening ambtelijke bijstand, rechtstreeks tot de (adjunct) directeur van de afdeling die belast is met de advisering over of uitvoering van het betreffende onderwerp. Het Seniorenconvent bepaalt bij vaststelling van de agenda ook de indicatieve tijdsduur van een vergadering. Indien niet alle agendapunten binnen deze tijdsduur kunnen worden afgehandeld dan kan – indien een tijdige besluitvorming zich daar niet tegen verzet – door de meerderheid worden bepaald dat een of meerdere agendapunten worden doorgeschoven naar een volgend Ronde Tafel Gesprek. a. De raadsleden of burgerfractieleden formuleren aansluitend aan de behandeling van het voorstel/ onderwerp in het RTG (mondeling) bij meerderheid een aanbeveling aan de raad inzake de agendering, welke kan inhouden dat: het onderwerp/voorstel rijp is voor behandeling in de raadsvergadering; het onderwerp /voorstel wordt aangehouden; b. In het geval als bedoeld in lid a sub 2 dan geeft de meerderheid mondeling gemotiveerd aan om welke reden het voorstel wordt aangehouden. Als er nog informatieve vragen zijn dan worden die tijdens het RTG geformuleerd. Als het voorstel /onderwerp ter verduidelijking op een of meerdere onderdelen aanpassing verdient wordt tijdens het RTG aangegeven op welke punten/onderdelen c. indien zich in het RTG geen meerderheid aftekent voor het al dan niet doorleiden van het raadsvoorstel naar de raadsvergadering, doordat de stemmen staken, wordt het raadvoorstel opnieuw geagendeerd voor het RTG voorafgaand aan een volgende besluitvormingsronde Artikel 22 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing op een Rondetafelgesprek. Artikel 26, lid 2 en 3 van dit Reglement is van overeenkomstige toepassing op en Rondetafelgesprek.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel