Naar hoofdinhoud

hoofdstuk 2 › paragraaf 2.1

Artikel 19 subsidiabele

kosten

Onderdeel van Subsidieverordening stedelijke vernieuwing 2005

1.. Tot de in artikel 18 genoemde uitvoeringskosten behoren: ► de aanneemsom; ► de risicoverrekening van loon- en materiaalprijsstijgingen; ► het honorarium van de architect, de kosten van het dagelijks toezicht, de aanbestedingskosten met een maximum van 10% en de kosten van de constructeur volgens geldend adviseurstarief; ► de legeskosten voor de bouwvergunning en de kosten voor eventuele andere vereiste vergunningen; ► de verschuldigde omzetbelasting; ► de kosten in verband met monumentale onderdelen, waaronder worden gerekend: ▪ kozijnen en ramen (met roedenverdeling, schuiframen met contragewichten en dergelijke); ▪ geornamenteerde deuren met lijstwerk, versieringen en deuromlijstingen; ▪ opgeklampte deuren en luiken; ▪ puien met lijstwerk en/of ornamenten; ▪ bijzondere metselverbanden in gevels en voegwerk (knip- of snijvoeg); ▪ geprofileerde kroonlijsten, daklijsten en gootlijsten; ▪ gecompliceerde versieringen in baksteen, natuursteen en stucwerk; ▪ stucwerk in blokverband; ▪ rieten daken, leien daken en koperen daken en bijzondere pannen; ▪ historische kapconstructie; ▪ historische interieuronderdelen. ► de kosten van bouwtechnische onderdelen, gemaakt van historische materialen, waaronder worden gerekend; ▪ het herstel van dragende gevels en dragende muren waaronder wordt verstaan: vervangen van steens of halfsteens metselwerk of spouwmuren en in samenhang hiermee: vervangen van buitenkozijnen met vulling; vervangen van lateien. ▪ herstel van vloerconstructies, waaronder wordt verstaan: slopen van plint en verrotte vloerdelen, slopen van verrotte balken of het waterpas stellen van bestaande balken en in samenhang hiermee: aanpassen oplegging en nis voor balken; aanbrengen van (nieuwe) balken en/of (nieuwe) vloeren of vloerdelen; het aanbrengen van een nieuwe vloerconstructie met ander volgens geldende voorschriften toegestaan bouwmateriaal; het aanbrengen van nieuwe plinten; het noodzakelijk aanbrengen van een constructieve betonvloer op isolatie en waterkerende folie; vervangen van balkons; vervangen van trappen; ▪ herstel van kapconstructies, waaronder wordt verstaan: repareren en/of vernieuwen van de kapconstructie, gordingen, muurplaten, spant(en) en in samenhang hiermee: afhalen en aanbrengen van pannen of bitumineuze dakbedekking; afhalen van panlatten, tengels en dakbeschot en aanbrengen (zonodig vernieuwen); vernieuwen van goten; vernieuwen van schoorstenen per m kanaal; ▪ herstel van binnen de woning aanwezige riolering; ▪ herstel van dakbedekking, waaronder wordt verstaan; afhalen en aanbrengen van pannen of bitumineuze dakbedekking; panlatten, tengels en dakbeschot afhalen en aanbrengen (zonodig vernieuwen); vernieuwen van goten; vernieuwen van schoorstenen per m kanaal. 2.. De subsidieaanvrager kan, met een door het college van burgemeester en wethouders beschikbaar te stellen aanvraagformulier, verzoeken tot de subsidiabele kosten te rekenen de kosten wegens onvermijdelijk en onvoorzien meerwerk of de kosten ten gevolge van onvermijdelijke en onvoorziene wijzigingen in het treffen van de voorzieningen. 3.. Op de subsidiabele kosten worden in mindering gebracht de kosten waarvoor op grond van een andere regeling steun of subsidie kan worden toegekend of kosten die op grond van een andere regeling kunnen worden gefinancierd. 4.. Indien werkzaamheden, waarvan de kosten vallen onder de in artikel 19 genoemde subsidiabele uitvoeringskosten in zelfwerkzaamheid worden verricht, dan behoren bij de berekening van de in artikel 18, lid 1, 2 en 3 genoemde uitvoeringskosten in ieder geval de volgende kosten; het honorarium van de architect, de kosten van het dagelijks toezicht, de aanbestedingskosten en de kosten van de constructeur, met een maximum van 10% van de goedgekeurde uitvoeringskosten; de legeskosten voor de bouwvergunning en de kosten voor eventuele andere vereiste vergunningen; de materiaalkosten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel