**1.** De vergunninghouder neemt de standplaats in, door het plaatsen van de verkoopinrichting, maximaal één uur voor de aanvang van het tijdstip waarop met de verkoop mag worden begonnen.
**2.** De vergunninghouder ontruimt de standplaats volledig, maximaal één uur na het tijdstip waarop de verkoop stopt.
**3.** De vergunninghouder zorgt voor voldoende afvalbakken in de directe omgeving van de standplaats.
**4.** De vergunninghouder laat de standplaats en de directe omgeving na verwijdering van de verkoopinrichting schoon achter.
**5.** Voor tijdelijke standplaatsen voor meerdere dagen (oliebollen, kerstbomen) gelden voorgaande leden 1 en 2 niet op de tussenliggende standplaatsdagen.
**6.** Indien op de locatie van standplaats een evenement als bedoeld in artikel 2.2.1. APV plaatsvindt, dient de standplaats gedurende het evenement te worden verplaatst, dan wel voor de duur van het evenement buiten gebruik te blijven.