Indien na het besluit tot verlenen van de subsidie Kleine Monumentenzorg en/of de subsidie voor de verbetering van de woning en/of bedrijfsruimte de eigendom daarvan overgaat op een ander, kan laatstbedoelde als aanvrager worden aangemerkt, mits:
de aanvrager schriftelijk afstand doet van het recht op toekenning van de subsidie;
de nieuwe eigenaar schriftelijk verklaard dat hij de ingediende maatregelen voor herstel van de monumentale elementen onverkort handhaaft. Indien subsidie voor verbetering van de woning is verleend voor het treffen van ingrijpende voorzieningen trekken burgemeester en wethouders de subsidieverlening in voor zowel de subsidie voor de verbetering van de woning als de subsidie Kleine Monumentenzorg. De nieuwe eigenaar dient een nieuwe aanvraag voor beide subsidies in.
HOOFDSTUK 6
Artikel 6.8
Herzien subsidieverlening
Onderdeel van Verordening woninggebonden subsidies 1995