**1..** De aanvraag vermeldt in ieder geval:
de naam en het adres van de aanvrager;
de dagtekening;
de naam van de school en, voor zover van toepassing, het gebouw ten behoeve waarvan de voorziening is bestemd;
welke voorziening wordt aangevraagd;
de onderbouwing van de noodzaak en de omvang van de gewenste voorziening;
de geplande aanvangsdatum van uitvoering van de voorziening.
**2..** In aanvulling op de in het eerste lid vermelde gegevens gaat de aanvraag vergezeld van:
een prognose van het te verwachten aantal leerlingen van de school, die voldoet aan de in bijlage II omschreven vereisten, tenzij het een voorziening betreft als bedoeld in artikel 2, onder a onderdelen 6. tot en met 8. en artikel 2, onder g. Indien de aard en de omvang van een voorziening als bedoeld in artikel 2, onder d en e daartoe aanleiding geeft, kan het college de prognose-eis laten vervallen;
de aanduiding van de gewenste plaats waar de voorziening moet worden gerealiseerd, indien het een voorziening betreft als bedoeld in artikel 2, onder a, onderdelen 1. tot en met 4.;
een rapportage waaruit de bouwkundige noodzaak blijkt indien het een voorziening betreft bestaande uit nieuwbouw ter gehele of gedeeltelijke vervanging van een gebouw, uit onderhoud aan een gebouw voor een school voor basisonderwijs of een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs of uit herstel van een constructiefout. Voor zover het de voorziening herstel van een constructiefout betreft dient een onderbouwde rapportage van een terzake deskundig adviesbureau te worden bijgevoegd;
een begroting van de kosten gemoeid met de uitvoering van de voorziening, indien de aanvraag betrekking heeft op een voorziening waarop het gestelde in artikel 4, derde lid, laatste volzin van toepassing is;
een definitief ontwerp zoals omschreven in de DNR 2005 rechtsverhouding opdrachtgever - architect met een stichtingskostenoverzicht conform NEN2631 en een onderbouwde reëel geplande datum van aanbesteding en start bouw, ook indien de aanvraag volgt op een toekenning van een vergoeding van de kosten van bouwvoorbereiding als bedoeld in artikel 27;
voor zover de gewenste voorziening betrekking heeft op onderhoud, een onderhoudsplan, waaruit blijkt dat de aanvrager zich verplicht zodanige onderhoudsactiviteiten uit te voeren, dat het onderhoud aan het desbetreffende schoolgebouw gedurende de eerstvolgende 10 jaren beperkt kan blijven tot geringe en dagelijkse reparaties, alsmede een onderbouwde rapportage van een onafhankelijk terzake deskundig adviesbureau. Een dergelijke rapportage dient te worden bijgevoegd indien de aanvraag betrekking heeft op de volgende onderhoudsactiviteiten:
vervangen daken (dakbedekking, dakranden, daklichten, dakpannen c.a, boeiboorden);
vervangen riolering;
vervangen kozijnen (binnen- en buiten-) c.a. en
vervangen c.v.-leidingen/-convectoren en radiatoren.
aanduiding van de voorgenomen wijze van aanbesteden;
alle overige gegevens die het college nodig acht voor de beoordeling van de noodzaak van de gevraagde voorziening.
Bij de rapportage als bedoeld onder c wordt gebruik gemaakt van het door het college vastgestelde formulier "Bouwkundige opname".
**3..** Bij het ontbreken van een of meer gegevens als bedoeld in het eerste of tweede lid deelt het college dit voor 15 februari schriftelijk mee aan de aanvrager. Daarbij wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld voor 15 maart de ontbrekende gegevens aan te vullen. Indien de aanvrager de vereiste ontbrekende gegevens niet heeft verstrekt voor 15 maart, besluit het college de aanvraag niet te behandelen.
**4..** Indien een door het college in behandeling genomen aanvraag betrekking heeft op een voorziening voor een school waarvan de beoordeling van de noodzaak mede is gebaseerd op het aantal leerlingen van de betrokken school op de wettelijke teldatum van 1 oktober van het jaar waarin de aanvraag is ingediend, dan zendt de aanvrager onverwijld aan het college een afschrift van de opgave als bedoeld in artikel 5, vierde lid onder 1. Indien het afschrift niet binnen een week na het tijdstip van de wettelijke teldatum is ontvangen, deelt het college dit schriftelijk mee aan de aanvrager. Daarbij wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld het afschrift van de opgave alsnog binnen drie dagen na de datum van ontvangst van de mededeling in te dienen. Indien het afschrift van de opgave niet binnen de termijn bedoeld in de vorige volzin is verstrekt, besluit het college de aanvraag niet te behandelen.
**5..** Het besluit om de aanvraag niet te behandelen wordt aan de aanvrager bekendgemaakt binnen vier weken na het verstrijken van de termijn in het derde of het vierde lid.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.1
Artikel 7
Inhoud aanvraag; gelegenheid tot aanvullen aanvraag; niet behandelen onvolledige aanvraag
Onderdeel van Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Den Haag 1997