Naar hoofdinhoud
1.. De decentrale vertrouwenspersoon heeft de volgende taken: het opvangen van de medewerker die melding maakt van seksuele intimidatie of discriminatie en het geven van advies en steun aan de medewerker; het informeren van de medewerker over de verschillende wegen die openstaan om het probleem tot een oplossing te brengen of over de mogelijkheid om een klacht in te dienen; het begeleiden van de medewerker, indien deze de zaak wil laten bemiddelen door de centrale vertrouwenspersoon of aan de orde wil stellen bij de klachtencommissie; het doorverwijzen van de medewerker naar interne of externe deskundigen; het gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen aan het hoofd van dienst of andere personen binnen de dienst inzake preventie en bestrijding van seksuele intimidatie en discriminatie; het erop toezien dat de medewerker geen nadeel ondervindt van het indienen van een klacht. 2.. Daarnaast heeft de decentrale vertrouwenspersoon tot taak: alle meldingen van seksuele intimidatie en discriminatie te registreren en dossiers aan te leggen; binnen zijn dienst voorlichting en publiciteit te verzorgen over seksuele intimidatie en discriminatie, over zijn taken en bevoegdheden en de klachtenregeling.

Rechtspraak bij dit artikel