**1..** Een vergunning als bedoeld in artikel 8 kan in ieder geval worden ingetrokken of gewijzigd als het nodig is de boven- of ondergrondse infrastructurele voorzieningen van netbeheerder te verwijderen in verband met:
Het bouwrijp maken van een gedeelte van de openbare ruimte.
Het reconstrueren van een weg.
Het realiseren van een ander gemeentelijke werk.
Het anderszins wijzigen van de bestemming van openbare gronden waarbij het aanwezig blijven van ondergrondse infrastructurele voorzieningen een belemmering vormen.
**2..** De vergunning als bedoeld in artikel 8 of het goedkeuringsbesluit als bedoeld in artikel 9 en 10 kan worden ingetrokken of gewijzigd:
indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt;
indien op grond van onvoorziene externe omstandigheden die optreden na het verlenen van de vergunning of het goedkeuringsbesluit, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt gevorderd door het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of het goedkeuringsbesluit is vereist;
indien de aan de vergunning of het goedkeuringsbesluit verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;
indien van de vergunning of het goedkeuringsbesluit geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn dan wel, bij gebreke van een dergelijke termijn, binnen een redelijke termijn;
indien de houder of zijn rechtverkrijgende dit verzoekt.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3
Artikel 23
Intrekking of wijziging
Onderdeel van Energie-, water-, en telecomverordening Breda 2009