Indien het inkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van gehuwde personen meer bedraagt dan het vast te stellen toetsinkomen vervoersvoorzieningen, wordt het bezit van een personenauto algemeen gebruikelijk geacht, zodat een auto of daarmee vergelijkbare voorziening en de daarmee samenhangende gebruiks- en onderhoudskosten niet in aanmerking komen voor verstrekking of vergoeding.
Hoofdstuk 2 › § 2.4
Artikel 46
Algemeen gebruikelijke vervoersvoorziening
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen voor maatschappelijke ondersteuning gemeente Den Haag (2009)