Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Erfgoedsubsidieverordening

In deze regeling wordt verstaan onder: gemeentelijk monument: onroerend monument, dat overeenkomstig de bepalingen van de Erfgoedverordening is aangewezen als beschermd gemeentelijk monument. gemeentelijke gevelwand: een gevelwand die overeenkomstig de bepalingen van de Erfgoedverordening is aangewezen als gemeentelijke gevelwand. eigenaar: degene die het recht van eigendom heeft, alsmede: de houder van het recht van opstal, de houder van het recht van erfpacht, de eigenaar van het appartementsrecht. subsidie: subsidie als bedoeld in artikel 4:21 van de Algemene wet bestuursrecht, inhoudende de aanspraak op financiële middelen door een bestuursorgaan verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager. subsidieplafond: het door de raad als onderdeel van de gemeentebegroting vastgestelde bedrag dat gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies. raad: de raad van de gemeente Roosendaal. college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal. instandhoudingswerkzaamheden: de werkzaamheden aan een gemeentelijk monument of een gemeentelijke gevelwand, die het normale onderhoud te boven gaan en die voor het herstel of conservering van de monumentale waarde zoals bedoeld in artikel 1 onder i en j van deze verordening noodzakelijk zijn. monumentale waarde van een gemeentelijk monument: De monumentale waarde van een gemeentelijk monument wordt bepaald door de dragende onderdelen, de vloeren en het omhulsel en/of door die onderdelen of objecten die blijkens het register, bedoeld in de Erfgoedverordening, of naar het oordeel van het college van belang zijn wegens hun schoonheid, hun betekenis voor de wetenschap of hun cultuurhistorische waarden. Indien uit het register blijkt, dat een monument uitsluitend beschermd is vanwege één of meer met name genoemde onderdelen of objecten, dan wordt de monumentale waarde uitsluitend bepaald door die onderdelen of objecten. monumentale waarde van een gemeentelijke gevelwand: De monumentale waarde van een gemeentelijke gevelwand wordt bepaald door het aan de openbare weg gelegen (deel van een) onroerende zaak, die qua schoonheid van algemeen belang is vanwege het stedenbouwkundige, architectonische of landschappelijk beeld en/of door die onderdelen die blijkens het register, bedoeld in de Erfgoedverordening, of naar het oordeel van het college van belang zijn wegens hun schoonheid, hun betekenis voor de wetenschap of hun cultuurhistorische waarden. Indien uit het register blijkt, dat een gemeentelijke gevelwand beschermd is vanwege één of meer met name genoemde onderdelen of objecten, dan wordt de monumentale waarde uitsluitend bepaald door die onderdelen of objecten. subsidiabele instandhoudingskosten: de kosten die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn om de onderdelen van een gemeentelijk monument of gemeentelijke gevelwand, die blijkens artikel 1 leden i dan wel j van deze verordening en het desbetreffende register, bedoeld in de Erfgoedverordening, of naar het oordeel van het college van belang zijn wegens hun schoonheid, hun betekenis voor de wetenschap of hun cultuurhistorische waarden monumentale waarde bezitten, te herstellen of te conserveren. subsidiabele reconstructiekosten: de kosten die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn om de aanwezige monumentale waarde te versterken waarbij latere wijzigingen aan een gemeentelijk monument of gemeentelijke gevelwand worden gereconstrueerd naar oorspronkelijk beeld, op voorwaarde dat het oorspronkelijke beeld onderbouwd kan worden met historische bouwtekeningen, historisch beeldmateriaal of aanwezige bouwsporen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel