B&W kunnen een huisvestingsvergunning intrekken, indien:
De vergunninghouder de erin vermelde woonruimte niet binnen de door B&W bij de verlening van de vergunning gestelde termijn in gebruik heeft genomen of;
De vergunning is verleend op grond van door de vergunninghouder verstrekte gegevens, waarvan deze wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3
Artikel 12
Intrekking
Onderdeel van Huisvestingsverordening WERV-Veenendaal