Naar hoofdinhoud
1.. De leden van de cliëntenraad worden voorgedragen door organisaties: die gezien hun doelstelling en werkwijze betrokken zijn bij de belangen van de ciënten van de dienst; rvan verwacht kan worden dat zij beschikken over voldoende kennis op het ebied van de in artikel 3 eerste lid genoemde wetten en regelingen; representatief zijn voor een deel van het cliëntenbestand van de dienst. 2.. De organisaties die gerechtigd zijn om een lid voor de cliëntenraad voor te dragen zijn genoemd in de lijst in bijlage A. 3.. Bij de voordracht van een nieuw lid zal de organisatie een inspanning leveren om een persoon die zelf cliënt is van de dienst SZW, dan wel cliënt geweest is, voor te dragen. 4.. Het lidmaatschap van de cliëntenraad is onverenigbaar met: het lidmaatschap van de raad, raadscommissie en/of adviesorganen ten behoeve an de raad; werknemerschap van de gemeente Den Haag. 5.. Bij een unaniem besluit in een gezamenlijk overleg tussen de cliëntenraad en de directeur kan besloten worden om af te wijken van lid 4 onderdeel b. 6.. Het college kan op voordracht van de directeur besluiten tot wijziging van de in lid 2 genoemde lijst, mits daarbij het aantal organisaties beperkt blijft tot 16.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel