Naar hoofdinhoud

Artikel 51

Beëdiging en vervanging van de griffier

Onderdeel van Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad.

1.. De griffier legt, alvorens zijn ambt te aanvaarden, in handen van de voorzitter de volgende eed (verklaring en belofte) af: “Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot griffier benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik alle plichten, die de Gemeentewet en door de raad vastgestelde of vast te stellen instructies aan het ambt van griffier hebben verbonden, eerlijk en vlijtig zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God almachtig!” (“Dat verklaar en beloof ik”). 2.. De raad wijst, op aanbeveling van het presidium, twee of meer medewerkers van de griffie aan die de griffier bij diens afwezigheid achtereenvolgens vervangen. 3.. De aangewezen plaatsvervangers leggen als zodanig de eed (verklaring en belofte) af overeenkomstig het eerste lid.

Rechtspraak bij dit artikel