Naar hoofdinhoud
1.. Voorstellen kunnen via een besluitenlijst aan de raad worden voorgelegd, indien de geraadpleegde raadscommissie eenstemmig met het voorstel instemt dan wel akkoord gaat met het voornemen tot plaatsing van een voorstel op deze lijst. Het presidium kan bij vaststelling van de voorlopige agenda eveneens voorstellen op de besluitenlijst opnemen. 2.. Een raadscommissielid kan, bij bericht van verhindering, laten weten tegen een voorstel dan wel tegen plaatsing van een voorstel op de besluitenlijst te zijn, hetgeen vervolgens in de raadscommissie gemeld en in het commissiestandpunt vermeld wordt. 3.. Indien een raadscommissielid bij verhindering niet laat weten tegen een voorstel dan wel tegen plaatsing van een voorstel op de besluitenlijst te zijn, wordt deze, bij het voornemen daartoe door de aanwezige leden van de commissie, geacht daarmede in te stemmen. 4.. De voorzitter stelt de besluitenlijst in zijn geheel aan de orde. 5.. Over op de besluitenlijst vermelde voorstellen vindt geen beraadslaging plaats. 6.. Indien eenvijfde van het aantal leden over een op de besluitenlijst vermeld voorstel het woord wenst te voeren, wordt de behandeling van het voorstel aangehouden tot de eerstvolgende vergadering. Het voorstel wordt als afzonderlijk agendapunt op de agenda voor deze vergadering geplaatst. 7.. In afwijking van het bepaalde in het zesde lid kan de raad op voorstel van de voorzitter besluiten voorstellen met een spoedeisend karakter toe te voegen aan de agenda van dezelfde vergadering. 8.. Het bepaalde in artikel 21, derde lid, is eveneens van toepassing op de op de besluitenlijst vermelde voorstellen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel