Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 9

Plichten

Onderdeel van GBA-beheerregeling Breda

1.. De applicatiebeheerder houdt een verzameling bij van de autorisaties die overeenkomstig artikel 8, lid 1 zijn toegekend. 2.. De applicatiebeheerder verstrekt voorlichting aan de in bijlage A genoemde functionarissen over de gevolgen van een nieuwe of gewijzigde release van het toepassingssysteem. 3.. De applicatiebeheerder verzorgt – in overleg met de systeembeheerder – de communicatie bij storingen in de hard- en/of software. De applicatiebeheerder stelt direct de informatiebeheerder van de storing in kennis. 4.. De applicatiebeheerder verzorgt het testen en evalueren van nieuwe releases van het toepassingssysteem, alsmede het testen en evalueren van nieuwe apparatuur. 5.. De applicatiebeheerder verzamelt alle problemen en klachten, die bij het gebruik van het toepassingssysteem ontstaan en tracht voor een oplossing te zorgen. Hij doet hiervan periodiek mededeling aan de beheerder. 6.. De applicatiebeheerder is tevens GBA-contactpersoon. In deze hoedanigheid onderhoudt hij de contacten met het Agentschap Basisadministratie Persoonsgegevens en Reisdocumenten (BPR).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel