Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 7.

Artikel 2:25

Evenement

Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Etten-Leur 2012

1.. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2.. Het verbod geldt niet voor het organiseren van een evenement, dat aan elk van de volgende voorwaarden voldoet: het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 250 personen; er wordt geen (of gedeelte van) een gebiedsontsluitingsweg afgezet; de festiviteiten beginnen niet eerder dan 07.00 uur 's morgens; de festiviteiten eindigen uiterlijk om 24.00 uur; de festiviteiten duren niet langer dan één dag; het evenement vormt geen belemmering voor de hulpdiensten; dat wil zeggen er is altijd een vrije doorgang van 3.50 meter breed en 4.20 meter hoog; er worden alleen kleine objecten geplaatst met een oppervlakte van minder dan 100 m2 per object, deze objecten worden minimaal 5 meter uit de bestaande bebouwing geplaatst en staan niet opgesteld in bovengenoemde vrije doorgang; in een eventueel opgestelde tent (welke zodanig is opgesteld dat dit voldoet aan de hierboven genoemde voorwaarden) zijn minder dan 50 personen gelijktijdig aanwezig; van de festiviteiten is geen overmatige geluidshinder te duchten door het gebruik van versterkte (live)muziek; de organisator stelt de burgemeester tenminste 5 werkdagen voorafgaand aan het evenement hiervan in kennis middels een digitale of schriftelijke melding. 3.. De burgemeester kan nadere regels stellen in het belang van de openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid en het milieu. 4.. De burgemeester kan binnen 5 dagen na ontvangst van de melding besluiten het organiseren van een evenement als bedoeld in het tweede lid te verbieden, indien waardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het mileu in het gevaar komt. 5.. Het verbod van het eerste lid geldt niet voor een wedstrijd op of aan de weg, voorzover in het geregeld onderwerp wordt voorzien door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. 6.. In afwijking van artikel 1:3 lid 1 wordt een afwijkende indieningtermijn gehanteerd van acht weken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel