Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Afdeling 7:

Artikel 2:25

Vergunningplicht evenement

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag (APV)

1.. Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een evenement te houden. 2. . Het verbod genoemd in lid 1 geldt niet voor ééndaagse evenementen, mits: het evenement een straatfeest, buurtbarbeque of kleinschalige activiteit in de open lucht betreft; het aantal bezoekers niet meer bedraagt dan 250; het evenement tussen 10.00 en 23.00 plaatsvindt; er geen samenloop is met andere evenementen in de wijk; het evenement geen of een zeer geringe beperking van het gebruik van de openbare weg veroorzaakt, en het derhalve niet noodzakelijk is om één of meerdere verkeers-maatregel(en) te treffen; er te allen tijde een rijloper van minimaal 3.50 meter beschikbaar blijft ten behoeve van de hulpdiensten; er enkel gecertificeerde objecten van een geringe constructie worden geplaatst, bijv. een kleine partytent, springkussen, barbecue etc.; er geen samenloop is met wegopbrekingen en/of de hoofdroutes van de hulpdiensten. 3 .. Voor het op het evenemententerrein verrichten van activiteiten, die op grond van deze of een andere gemeentelijke verordening vergunningplichtig zijn, is tijdens de duur van het evenement geen afzonderlijke vergunning nodig, mits die activiteiten vermeld zijn in de vergunning als bedoeld in het eerste lid. 4 .. Op een evenemententerrein mogen geen activiteiten plaatsvinden, die op grond van deze of een andere gemeentelijke verordening vergunningplichtig zijn, tenzij die activiteiten vermeld zijn in de vergunning als bedoeld in het eerste lid. 5 .. Tenzij de burgemeester anders bepaalt, geldt het verbod in het vierde lid niet voor activiteiten, waarvan aannemelijk is dat zij krachtens een voor onbepaalde tijd of voor een periode langer dan drie maanden verleende vergunning ook op het evenemententerrein zouden plaatsvinden, als daar geen evenement gehouden zou worden. 6 .. De vergunning kan worden geweigerd in het belang van: de openbare orde; het voorkomen of beperken van overlast; de verkeersveiligheid of veiligheid van personen of goederen; de zedelijkheid of gezondheid. 7 .. Bij de toepassing van de in het zesde lid genoemde weigeringsgronden kan de burgemeester in aanmerking nemen: of er behoefte bestaat aan het evenement waarvoor vergunning wordt gevraagd; de mate waarin door het evenement beslag gelegd wordt op ruimte, tijd en hulpdiensten; het aantal bezoekers dat verwacht wordt; of de aard van het evenement zich verdraagt met het karakter of de bestemming van de gevraagde locatie; of gevaar bestaat voor wanordelijkheden; of gevaar bestaat voor ernstige belemmeringen voor het verkeer; of gevaar bestaat voor onaanvaardbare belasting voor de omgeving als gevolg van het plaatsvinden van het evenement.

Rechtspraak bij dit artikel