**1..** De organisator van een sportwedstrijd, als omschreven in de
bij deze verordening behorendelijst ( Zie
bijgevoegde lijst ) , moet ten minste dertig
dagen vóór de wedstrijddatum, de burgemeester van zijn
voornemen tot het houden van de wedstrijd schriftelijk
kennis geven.
**2..** Als een kennisgeving, gelet op het tijdstip, waarop de
wedstrijddatum wordt vastgesteld, niet dertig dagen tevoren
kan worden gedaan, geeft de organisator hiervan kennis aan
de burgemeester uiterlijk zeven dagen vóór de
wedstrijddatum.
**3..** De burgemeester stelt een formulier vast voor het doen van
de in het eerste lid bedoelde kennisgeving.
**4..** De voorgeschreven kennisgeving is gedaan, zodra het in het
derde lid bedoelde formuliervolledig en naar waarheid
ingevuld, tijdig ingeleverd is ter plaatse als op dat
formulier aangegeven en het in het vijfde lid bedoelde
bewijs van ontvangst uitgereikt is.
**5..** Degene, die de kennisgeving inlevert, ontvangt daarvan een
bewijs, waarin het tijdstip van inlevering vermeld is.
**6..** Een kennisgeving kan meerdere wedstrijden betreffen.
**7..** Al dan niet in verband met de bij de kennisgeving verstrekte
gegevens kan de burgemeester voorschriften geven ter
beveiliging van personen en goederen, en ter voorkoming van
wanordelijkheden, ernstige verkeersbelemmeringen of ernstige
hinder voor toeschouwers of derden.
**8..** Als de burgemeester van oordeel is, dat naar redelijke
verwachting, noch door de door de organisator toegezegde
maatregelen, noch door het geven van voorschriften, noch
door de redelijkerwijs te nemen politiemaatregelen,
onevenredige schade aan de in het zevende lid bedoelde
belangen voorkomen kan worden, is de burgemeester bevoegd
het houden van de wedstrijd te verbieden.
**9..** Het is de organisator verboden een wedstrijd als bedoeld in
het eerste lid te laten plaatsvinden, als:
de kennisgeving ervan niet overeenkomstig het
bepaalde in het eerste tot en met zesde lid gedaan
is;
gehandeld wordt in afwijking van de gegevens, die
bij deze kennisgeving verstrekt zijn;
de door de burgemeester ingevolge het zevende lid
gegeven voorschriften niet worden nagekomen;
de burgemeester het houden van de wedstrijd verboden
heeft.
**10..** De burgemeester kan van het bepaalde in het negende lid
onder a. ontheffing verlenen.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 7:
Artikel 2:25B
Sportwedstrijden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Den Haag (APV)