Het beleid wordt in de kadernota Weerstandsvermogen en
Risicomanagement weergegeven. Deze nota wordt minimaal één keer in
de vier jaar geactualiseerd en aan de raad aangeboden.
In de paragraaf Weerstandsvermogen bij de begroting en de
jaarstukken neemt het college naast de verplichte onderdelen op
grond van het besluit Begroting en Verantwoording in ieder geval
op:
de gewenste omvang van de weerstandscapaciteit. De
weerstandscapaciteit bestaat daarbij uit de middelen en
mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om
niet begrote kosten te dekken;
een opsomming van de 10 risico’s met de grootste invloed op de
exploitatie, inclusief een inschatting van de kans dat deze risico’s
zich voordoen;
de relatie tussen de geraamde respectievelijk aanwezige
weerstandscapaciteit en in hoeverre schade en verliezen als gevolg
van de geïnventariseerde risico’s met de weerstandscapaciteit kunnen
worden opgevangen.